Burgemeester Halsema is gisteren in gesprek geweest met minister David van Weel (Justitie en Veiligheid) over haar handelen bij de demonstratie van afgelopen 7 oktober, waarbij een aantal demonstranten spandoeken droegen met pro-Hamas uitingen. Er ontstond ophef omdat Van Weel vorige week zei niet te begrijpen waarom er niet door de burgemeester werd ingegrepen. De minister erkent nu echter dat er geen andere mogelijkheid was dan de demonstranten hun gang te laten gaan. Tijdens de demonstratie op 7 oktober droegen betogers spandoeken met onder andere teksten als "We support Hamas" en "Long live the 7th of October." Halsema reageerde al snel dat ze met grote afschuw had zitten kijken naar hoe Hamas werd gesteund en demonstranten de demonstratievrijheid gebruikten voor "verschrikkelijke uitingen." Ook noemde de burgemeester de teksten "shockerend en onsmakelijk." Politieke ophef Halsema gaf daarbij echter ook toe dat ze niet verder dan dat kon gaan, vanwege de demonstratievrijheid. Daarover ontstond veel ophef, onder andere politiek. "Dit kan en dit mag niet", zei verantwoordelijk minister Van Weel na vragen in de Tweede Kamer. "Voor nu ga ik in gesprek met de burgemeester." Dat gesprek vond gisterenmiddag plaats. Volgens Halsema was er een interpretatieverschil tussen haar en de minister over hoe de wet werkt, maar is dat nu verholpen. "Ik denk dat de minister inmiddels onze opvatting deelt", vertelt de burgemeester gisteravond aan tafel bij Pauw & De Wit. Volgens Halsema was het doel van het gesprek niet om door de minister op het matje geroepen te worden. "De minister …
Bron: AT5 — 20/10/2026


